De homo ludens raakt niet burn out

Opeens staat je leven stil. Misschien omdat er iemand overlijdt van wie je zielsveel houdt. Misschien omdat iemand ernstig ziek wordt. Misschien omdat het lichtje bij jou even uitgaat en alles je even te veel wordt. Burn out.

In onze eeuw raken veel mensen burn out. Geen oordeel daarover. Ook geen uitgebreide analyse over de oorzaken. We aanvaarden maar even dat het zo is. Je tank kan (soms onverwacht) leegraken. De energie die ingaat is aanzienlijk minder dan die er uitgaat. En dan komt er een moment waarop je lampje niet meer kan branden.

Daar zit je dan. Op de bank. Futloos. Kerngezond en doodziek. Je hersens maken overuren maar nergens is gevaar. Wat nu?

Psalm 131 is te overzien. Een mooie, korte Psalm. De mens die je hoort zit naast je op de bank. Hij of zij heeft geen groot ‘recovery program’.  Je hoeft van deze dichter niet meer te denken dat je alles kunt (vers 1). Het kleine is genoeg.

Ik heb, zegt hij in vers 2, mijn ziel tot rust gebracht. Terwijl je hersens overuren maken, mag jij gaan zitten om tot stilte te komen. Dat deed je eigenlijk al heel lang niet meer: stil worden. Misschien is die stilte ook wel eng geworden. Zodra je niks meer doet, wie ben je dan?

Weet je wie je bent? Een kind.

Dat zijn we allemaal. Soms vergeten we dat. We nemen onszelf te serieus. Ik, homo sapiens, moet goed denken en vertrouwen op mijn brein. Daar ligt de productie, daar ben ik mee vertrouwd.

Maar ja, als je hersens overuren maken, en je wilt tot rust komen…

Psalm 131 reikt je stilte aan. De stilte van een peuter. De peuter is bang en rent naar mama’s rok. Daar schuilt ze achter de plooien. Verandert de situatie? Nee!

Maar de peuter wordt stil en voelt zich veilig. Nu pakt mama haar op en drukt haar tegen zich aan.

Zo is God. Ik heb mijn ziel tot stilte gebracht, zoals een peuter bij haar moeder. Op dat plekje bij God leer ik dat ik niet bedoeld ben om de homo sapiens uit te hangen.

Ik ben bedoeld om homo ludens te zijn. Ludens = spelend… Een spelend mens, een kind.

Wie burn out raakt is zijn homo ludens kwijtgeraakt. Verdwaald in het bos met de hoge bomen van prestatie, status, werkdruk, en al die rare dingen meer.

Ik heb mijn ziel tot stilte gebracht. Precies zoals een peuter bij zijn moeder.

God vraagt me om te spelen. Precies zoals Hij zijn Zoon Jezus zag doen. Hij deed het ons voor.

Spreuken 8 tekent ons Hem als een spelend Kind:

‘Ik was bij Hem, Zijn Lievelingskind! Ik was elke dag de bron van blijdschap, spelend voor zijn Aangezicht, al spelend in de wereld die Hij gemaakt had!’

Zo’n spelend kind raakt niet burn out. Het is stil geworden en vertrouwt op Vader.

Heb jij al gespeeld vandaag?

Andere berichten